Eerste Duurzame Substraatdag toont ambitie voor 2050 |
|
| SUBSTRATEN EN BODEMBIOLOGIE |
|
|
|
|
 |
| 72 sec |
Substraatsector wil verder verduurzamen met hernieuwbare grondstoffen, onderzoek en praktijkproeven
De Nederlandse substraatsector wil in 2050 klimaatneutraal produceren en daarbij grotendeels gebruikmaken van hernieuwbare grondstoffen. Hoe de sector daar kan komen, stond centraal tijdens de eerste Duurzame Substraatdag op 29 september bij Koppert Cress in Monster. Onderzoek, praktijkervaring en de beschikbaarheid van nieuwe grondstoffen kwamen daarbij samen.
| Foto: Convenant Milieu-impact Potgrond en Substraten / Rolf van Koppen |
De Duurzame Substraatdag is een initiatief van het Convenant Milieu-impact Potgrond en Substraten, Stichting RHP en Wageningen University & Research (WUR). De bijeenkomst trok 110 bezoekers met vooral substraatproducenten, producenten van hernieuwbare grondstoffen en kwekers. Gerard Schouw, voorzitter van het Convenant Milieu-impact Potgrond en Substraten, wees tijdens de bijeenkomst op de positie die Nederland volgens hem internationaal heeft bij het verduurzamen van groeimedia. Die positie vasthouden vraagt volgens Schouw om verdere innovatie.
Meer hernieuwbare grondstoffen
Binnen het convenant is afgesproken om het aandeel hernieuwbare grondstoffen in groeimedia verder te verhogen. Voor de professionele markt ligt het doel voor 2030 op minimaal 50 procent. In 2050 moet dit aandeel voor alle groeimedia 90 procent bedragen. De uiteindelijke ambitie is een klimaatneutrale substraatproductie, waarbij grondstoffen bij voorkeur lokaal worden geproduceerd. Onderzoek speelt daarbij een belangrijke rol. Via de Route- en Kansenkaart van het convenant heeft de sector bijna twee miljoen euro bijeengebracht voor onderzoek naar hernieuwbare grondstoffen. Volgens Tim van Hattum, programmaleider Klimaat bij WUR, kan de sector stappen zetten door kennisontwikkeling, innovatie en samenwerking te combineren.
Niet simpelweg grondstoffen vervangen
Tijdens verschillende deelsessies werd duidelijk dat verduurzaming meer vraagt dan het een-op-een vervangen van bijvoorbeeld veen door een andere grondstof. Nieuwe materialen hebben invloed op onder meer watergift, bemesting en teeltresultaten. Ook de biologische, fysische en chemische eigenschappen moeten worden onderzocht. Ook kwamen voorbeelden uit de praktijk aan bod van Van der Knaap, SV.CO en Florensis. Zo levert SV.CO sinds januari 2026 alle kalanchoës in negen cm-pot voor de Engelse markt volledig veenvrij. Volgens het bedrijf bleef de productkwaliteit daarbij behouden, maar waren aanpassingen in watergift en bemesting en proeven per gewas en locatie nodig. Naast teelttechnische aspecten spelen ook kosten en marktvraag een rol in het tempo van de overstap. De conclusie tijdens de bijeenkomst was daarom dat de sector niet op één alternatief moet inzetten, maar op een breed pakket aan nieuwe, kansrijke grondstoffen.
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|